16-07-10

Akker

 

land.jpgErgens, na de zon die reeds was ondergegaan en gedragen door de dronken wijn, bleven we met twee over. De mond ging een eigen leven leiden en de woorden vloeiden even vlot als de wijndruppels die de behelzing van het glas omarmden.

Ik keek voor me, naar lichtjes die nooit de mijne zouden worden maar die een perfect alibi schenen te zijn in deze nacht en verloor ergens mijn barrière die ik in al die jaren heb opgebouwd. Lippen die niet te stuiten waren vormden de woorden die ik al zo lang wilde zeggen en waarmee ik nu geen enkele moeite scheen te hebben. Het hart won van het verstand en ploegde in één omhaal de akker om die we al maandenlang bezaaiden.

Ik zweeg.

Hij ook.

En ik vertelde hem, zonder hem aan te kijken, dat een stilte zelden zo ongemakkelijk had aangevoeld.

Hij was jaloers op de eerlijkheid van mijn hart. Het gevoel van spanning kwam al enige tijd van twee kanten, zo gaf hij toe. Voor de rest was het stil. Ieder bouwde zijn eigen muur. Hij met staren naar dat ene rode licht. Ik met woorden die zichzelf voorbij holden soms.

En ik haalde adem. Diep. Met gesloten ogen.

Ik ga niet meer wachten had ik eerder gezegd toen hij plachte het niet te weten. ik. Ik kan het niet meer. Ik deed het ooit. Ik maak diezelfde fout niet meer… Ik ga je golfbreker niet zijn… Ik weet zelf niet eens wat ik wil maar ik weet dat ik geen houding wil aannemen van ‘je ziet maar’.

Ik maakte de deal (hij stemde nooit in) dat dit de enige keer zou zijn in al wat ging volgen dat ik mijn hart open en bloot voor zijn voeten smeet. Al wat zou volgen was een dik gordijn. Mist. Als hij die ooit wou ophelderen dan was het aan hem om die op te trekken…

Eigenlijk was daarmee alles gezegd… En toch ook weer niet… Er kwam geen overtuigende ‘ja’ van binnen bij de andere en anderzijds wou hij niet los laten… ‘Same old story all over again’ bonkte het vanbinnen…

Hij sprong over het muurtje… Met twee langs dezelfde kant… Mijn hart stokte even. Ik hield mijn blik, keurig weg van hem, gefocust op de lichtjes aan de einder. Ondanks mijn slechte geheugen herinnerde ik me wel nog het moment van net ervoor… ‘Er klinkt geen overtuigende ‘ja’ vanbinnen’…

Ik leunde tegen hem. Hij streek door mijn haar en zei sjjjjjj. En ik werd rustig.

Onder de horizon dramden mijn tuitende lippen maar ik bleef voorovergebogen in de holte van zijn zij hangen… Ik wist wat hij gezegd had…

Stilte… Vingers door mijn haren… Een hele tijd die ons inhaalt.

Weer dat rechtstaan, weer die stilte, weer dat onderhuidse gevoel dat haast mijn hart door mijn keel trekt.

Ik wil hem kussen maar ik doe het niet… Soms is het beter slim te zijn… Wees sterk zei ik tegen mezelf, wees sterk…

Ik duikel naar beneden, mijn handtas zorgt voor de nodige houvast. Elk terug langs de andere kant van de muur. Hij met zijn fiets naast zich ik met de wetenschap dat het hier stoppen moet deze avond…

‘We gaan toch zo geen afscheid nemen’, zegt ie… en ik antwoord hem: jawel… hij kijkt me aan en ik antwoord… dit is gemakkelijker… (met een pas achteruit).

Hij zegt goeiedag, ik ook… De betonnen keermuur tussen ons in en ‘slaapwel’… Zelfs geen kus op de wang… Afstand.

Ik draai me om, ongestoord zet ik de pas richting mijn auto. Zonder omdraaien…

Even voel ik tranen maar ze blijven binnen. In de auto de radio aan….

Dat open gevoel maakt mijn hoofd weer vrij… Het is eruit en ik weet in hemelsnaam niet hoe ‘morgen’ gaat zijn…

‘weer’…

Zucht diep.

Slaapwel.

De akker is geploegd… Er valt niets te oogsten.

 

03:55 | Commentaren (1)

Commentaren

En ik dan
diegene die dacht
slaapzacht

zacht

Gepost door: Ekfad | 22-07-10

De commentaren zijn gesloten.